Wat zeggen vakbonden over werkbaar werk?

Jong of oud, arbeider, bediende of kaderlid, tijdelijk of vast, kinderen of niet, nieuwkomer of ancien, … elke werknemer heeft recht op werkbaar werk. Dat is kort samengevat de stelling van werknemersorganisaties.

Werkbaar werk is voor vakbonden nauw verweven met het universele recht op arbeid. Arbeid is voor werknemers niet enkel een bron van inkomen maar ook en vooral een middel om zichzelf te ontplooien, sociale contacten uit te bouwen en om deel te kunnen nemen aan het breder maatschappelijk gebeuren. Ziekmakend of saai werk, jobs die het privé- en gezinsleven van werknemers volledig overheersen of geen kansen bieden om bij te leren, staan haaks op deze kijk op arbeid. Daarom is werkbaar werk volgens vakbonden een basisrecht voor iedereen.

Daarnaast verlangen vakbonden van overheid en werkgevers dat zij een beleid voeren dat erkent dat werknemers van elkaar verschillen én dat behoeften en competenties van werknemers doorheen de jaren veranderen. Zo een beleid moet er toe bijdragen dat werknemers in elke levens- en loopbaanfase een job hebben die is afgestemd op hun individuele mogelijkheden, ambities en behoeften. Belangrijke wegen om dit doel te bereiken zijn onder meer: systemen van loopbaanplanning, leeftijds- en levensfasebewust personeelsbeleid en het doorvoeren van structurele aanpassingen op de werkplek.

Waar anderen werkbaar werk enkel willen inzetten om langer werken mogelijk te maken, is dit voor vakbonden niet het geval. Voor de werknemersorganisaties zijn ‘werkbaar werk’ en ‘langer werken’ twee aparte discussies. Werkbaar werk is voor syndicalisten een waarde op zich. Geen middel om andere doelstellingen te realiseren.

Ga naar het stappenplan werkbaar werk

(<<) vorige situatie    |   volgende situatie(>>)

Wat zeggen de vakbonden over werkbaar werk?